Case: is de modesector klaar voor gerecycleerd textiel?

Sinds mensenheugenis geven we kleren door aan anderen die ze nog verder kunnen (af)dragen. Binnen het gezin, maar ook daarbuiten. Oorspronkelijk vanuit liefdadigheidsoverwegingen, als donatie aan zij die het kunnen gebruiken, maar door de jaren steeds meer om plaats te ruimen voor nieuwe spullen. Want tegenwoordig gaat het snel. De modetrends wisselen vaker dan de seizoenen, en ook de kleren gaan minder lang mee. En dat laatste brengt de gevestigde textielrecuperatiesector in de problemen. Dat vertellen ook enkele bedrijven uit de Boer Groep, die al meer dan 100 jaar textiel inzamelt, sorteert en klaarmaakt voor de volgende fase.

Tweedehandstextiel lijkt populairder dan ooit. De Belgische jeugd koopt steeds vaker tweedehands, en dus duiken steeds meer tweedehandswinkels op. Bovendien heeft nog steeds zo’ 70% van de wereldbevolking nood aan tweedehandstextiel. Kortom, de textielrecuperatiesector is van vitaal belang voor de economie en de maatschappij.
Toch wringt het schoentje steeds feller. De kleren die merken en modehuizen vandaag op de markt brengen, is van een veel lagere kwaliteit dan vroeger. Resultaat: kleren slijten sneller en er is dus steeds minder kledij beschikbaar voor de tweedehandsmarkt. En dat laat zich voelen in de verschillende schakels van de recuperatieketen.
Hevige concurrentie op inzamelmarkt
Het begint al bij de eerste stap in het recuperatieproces: de inzameling. “De concurrentie op de inzamelmarkt is moordend,” legt Koen De Vos van inzamelbedrijf Curitas uit. Door de jaren zijn steeds meer bedrijven textiel beginnen inzamelen en dus is het voor inzamelbedrijven steeds moeilijker (en duurder) om hun containers te plaatsen. “We betalen de gemeentes een premie om een container te mogen plaatsen. En die premies worden steeds duurder omdat er meer gegadigden zijn. Onze marges zijn dan ook sterk gedaald.”

Elke gerecycleerde vezel spaart een virgin vezel uit
Vandaag vindt dus nog meer dan de helft van het ingezamelde textiel zijn weg naar de tweedehandsmarkt. Maar dat aandeel slinkt, en dus moeten er nieuwe afzetmogelijkheden gevonden worden. “De mechanische recyclage tot poetsdoeken en vezels is een duurzame oplossing, maar geen evenwaardige,” stelt Mariska Zandvliet van Boer Groep. “Mechanische recyclage verkort de vezels, waardoor het textiel via deze weg dus niet eindeloos te recycleren is.”
Er zijn nieuwe innovatieve technieken nodig om de vezels te kunnen hergebruiken zonder ze te verkorten. Op deze manier kunnen ze ook in de mode-industrie worden gebruikt. “Dat is waar we naartoe willen. Elke gerecycleerde vezel in een nieuwe jeans, trui of jas spaart een nieuwe virgin vezel uit. Dat zou niet alleen goed nieuws zijn voor onze sector, maar ook voor de maatschappij en het klimaat,” aldus Mariska Zandvliet.
Textielproductie is meer vervuilend dan de luchtvaart en de maritieme zeevaart samen. Virgin vezels hebben dan ook een zware ecologische voetafdruk. Zwaarder ook dan die van gerecycleerde vezels, omdat de inzet van die laatste in het productieproces veel minder energie en waterverbruik vragen.

Het is echter duidelijk dat het vijf voor twaalf is voor de textielrecuperatiesector. De Europese Unie erkent alvast dat textiel na plastics een belangrijke uitdaging vormt. Maar voorlopig is het nog wachten op concrete acties om de mode-industrie te verduurzamen. Misschien kan België hierin opnieuw een voortrekkersrol spelen, zoals we in de vorige eeuw ook pionier waren in tal van andere sorteer- en recyclage-initiatieven.