Waalse Pôle Environnement is zeer streng voor ontwerp van afvalstoffendecreet
Over de vorm
De inhoud bespreken we hieronder, maar we willen benadrukken dat het zo lang heeft geduurd omdat noch het departement Bodem en Afval, noch het kabinet van minister Tellier de stakeholders hebben willen raadplegen vóór de goedkeuring in eerste lezing begin december. Dit is een strategische keuze, maar een die alle deskundigen betreuren.
Ook moet worden benadrukt dat de tekst volstrekt vanuit een juridische optiek is geschreven, zonder enige echte strategische of zelfs praktische reflectie, en dit is helaas zeer merkbaar. De Pôle Environnement hoopt dan ook dat het Gewest nu de tijd zal nemen om het dossier te herschrijven en zelfs te herbekijken. Zo wilde de DSD een zuiver juridische tekst om de richtlijnen getrouw om te zetten, zonder een stap terug te doen (hoewel het hier om richtlijnen en niet om een verordening gaat) en daarom blijven sommige bepalingen onduidelijk (artikel 37 bijvoorbeeld).
Het valt ook te betreuren dat het Waalse Gewest geen codificatie voorstelt, hoewel er al verscheidene jaren een tekst in de maak is. Het blijft binnen de logica van decreet + uitvoeringsbesluiten, in tegenstelling tot Brussel (Brudalex) of Vlaanderen (Vlarema).
Titel I van het decreet (algemene bepaling): Akkoord om het compromis met COPIDEC om te zetten en de verantwoordelijkheid voor de sortering te verduidelijken
Twee punten waren essentieel voor Denuo:
Een akkoord vinden om - idealiter met een compromis van de volledige Pôle - het akkoord met de publieke actoren van 13/02/2020 om te zeten. Dit punt is gemaakt - we kunnen dus spreken van een win. De definities van gelijkgesteld afval, beroepsafval (artikel 2), vergunningsprocedures (artikel 45) voor de inzameling van huishoudelijk afval via andere kanalen (met een opening naar uitzonderingen voor de distributiesector en ophaling aan huis op afroep) werden voorgesteld.
Denuo wilde ook de onrust in Vlaanderen over de gezamenlijke verantwoordelijkheid voor afvalsortering vermijden en vroeg (artikel 28) om verduidelijking van de exclusieve verantwoordelijkheid van de producent wanneer aan de bron wordt gesorteerd. De Pôle heeft dit verzoek ingewilligd.
Denuo heeft ook kunnen bereiken dat het begrip gemeentelijk afval niet in de tekst wordt gebruikt (risico van verwarring met de bevoegdheden van de gemeenten/intercommunales), dat de wens van een ecologisch verantwoorde aanpak wordt toegevoegd, dat het verschil tussen vloeibaar afval en afvalwater wordt verduidelijkt, dat een definitie van brandbaar afval wordt gegeven of dat een verzekering wordt geopend voor grensoverschrijdend vervoer (en niet langer alleen een bankgarantie).
Denuo heeft zich ook verdedigd tegen de wens van sommige andere federaties om de procedures voor bijproducten af te schaffen (men kan duidelijk de wil voelen van sommigen om geen afval meer te hebben en alles een andere naam te geven).
Titel II: (uitgebreide producentenverantwoordelijkheid): De geplande bepalingen gaan in onze richting, maar de lobby van de tegenstanders zal sterk zijn
Gezien de moeilijkheden die het Waalse Gewest al jaren ondervindt om tot een akkoord te komen met de beheersorganismen voor bepaalde stromen (met name Recupel en Bebat, die zich vaak verzetten tegen alles wat Wallonië voorstelde dat afweek van Vlaanderen - de juridische aanvallen zijn niet meer te tellen), draait de tekst van het decreet de duimschroeven in alle opzichten aan. De hand wordt nog steeds uitgestoken naar Vlaanderen voor een gemeenschappelijke aanpak, maar Denuo heeft helaas twijfels of de OVAM die wel zal aanvaarden, ondanks een opening in de Vlaamse regionale beleidsverklaring.
Anderzijds is het aantal doelstromen verhoogd van 10 tot 25, hetgeen gezien de huidige moeilijkheden nogal verrassend is.
In dit hoofdstuk heeft Denuo vooral meer transparantie van de resultaten van de aanbestedingen kunnen verkrijgen, en ook een meer democratische overleg over het beheer van de organismen, hetzij binnen de Pôle, hetzij in het Waals parlement, hetzij met de stakeholders (wat nu voor sommigen verworven lijkt te zijn).
Ondanks een zekere frisheid van de verdedigers van Recupel heeft Denuo ook kunnen bekomen dat de vrije markt gewaarborgd blijft voor bedrijfsafval (artikel 88) en dat de diensten voor eenzelfde soort afval/producent op dezelfde manier betaald worden ongeacht de speler (artikel 89). Sommige actoren blijven echter absoluut gehecht aan de echte en volledige kost.
Denuo heeft ook kunnen afdwingen (artikel 92) dat aan de consument informatie wordt verstrekt over de gerecycleerde inhoud.
Titel III: Nieuwe heffingen?
COPIDEC was zeer ontstemd over de verhoging van de verbrandingstaks (+2€/ton). De Pôle volgde de logica van de vraag of deze belasting een toegevoegde waarde zou hebben volgens de ladder van Lansink.
Denuo drong ook aan op vereenvoudiging van de zogenaamde 'subsidiërende' regeling (in geval van uitvoer van Waals afval). Hoewel er plannen in de maak zijn, lijkt er een gebrek aan coördinatie te zijn geweest tussen de diensten van de administratie.
Denuo stond ook volledig achter de wens van COPIDEC om het ecotoxiciteitscriterium (HP14) te verduidelijken op basis van verschillende technieken.
U vindt het advies van de Pôle Environnement door op dit document te klikken: link
Het valt nog te bezien hoe het kabinet van minister Tellier en de DSD rekening zullen houden met dit lijvige document. Er is hoe dan ook nog niets beslist.