Denuo dient standpunt over nota herziening heffingen in bij de OVAM
Denuo heeft haar officieel standpunt ingediend bij de OVAM met betrekking tot de geplande herziening van de milieuheffingen in Vlaanderen (inwerkingtreding voorzien op 1 januari 2028).
U vindt ons volledige standpunt hier.
Onze belangrijkste posities:
Ontbrekende data: de OVAM moet nog een volledige tabel met residupercentages en een vergelijkende tarieventabel (2026 versus 2028) aanleveren. Denuo verwacht deze informatie vóór de goedkeuring in eerste lezing.
Basistarieven: Denuo vraagt een vast tarief voor (mee)verbranding in 2028 van 33 euro/ton in plaats van een geïndexeerd tarief, en verwerpt de huidige onduidelijke formulering rond de "activeerbare verhoging" in 2032.
Hogere heffingsregimes: de voorgestelde verdubbelingen bij afwijkingen op stort- en verbrandverboden worden als excessief beschouwd.
Nultarieven (safe sink): Denuo pleit voor het behoud van het nultarief voor risicohoudend medisch afval (RMA) en vraagt uitbreiding van nultarieven naar specifieke stromen zoals PVB-residu's en gecombineerde KSP/fijne glasfracties.
Sorteer- en recyclageresidu's: Denuo steunt de vereenvoudiging naar één verlaagd tarief van 10%, maar vraagt scherpere definitie van toepassingsgebieden en helderheid over maximaal toegelaten residupercentages per stroom.
PST-residu's (shredders): Denuo aanvaardt de voorgestelde verlaagde tarieven mits behoud van de huidige residuquota (60% verbranding en 40% storten).
Gipsafval: Denuo vraagt het nultarief voor niet-recycleerbare residu's van gipsafval te behouden om grensoverschrijdend dumpen te vermijden.
Invoer gevaarlijk afval: bij gebrek aan consensus heeft Denuo expliciet aangegeven dat we ons niet kunnen uitspreken over het voorstel van de OVAM.
Inkomsten uit heffingen: Denuo betwist de correctheid van de prognosecijfers van de OVAM en eist dat minstens 15% van de heffingsinkomsten terugvloeit naar de private en publieke afval- en recyclagesector via projectoproepen, verdeeld à rato van de bijdragen.
Procedures: Denuo vraagt een heldere toepassing van het "recht op vergissen" voor kleine administratieve fouten.
Overkoepelend principe: Denuo benadrukt dat de herziening volledig voorbijgaat aan het belonen van installaties die beter presteren op het vlak van energieterugwinning, materiaalrecuperatie en CO₂-reductie, een fundamenteel gemis in de OVAM-nota.