Federaal regeerakkoord 2025 ondersteunt Belgische circulaire economie

De federale regering stelt in haar regeerakkoord de heropbouw van de industrie en de verdere ontwikkeling van de circulaire economie als prioriteit. Ze wil dit onder meer doen door de obstakels die de groei van de industrie in België afremmen weg te nemen.
Denuo steunt deze plannen en ziet hierin kansen om de Belgische circulaire economie verder uit te bouwen.
Het federaal regeerakkoord biedt concrete aanknopingspunten die Denuo en haar leden met de nodige aandacht zullen volgen:
Geïntegreerd plan. De federale regering belooft een vernieuwd Federaal Actieplan voor Circulaire Economie die via doordacht productbeleid, normering, fiscaliteit en de wetgeving overheidsopdrachten de circulaire economie wil faciliteren en stimuleren. Daarnaast zet de federale regering in op samenwerking met de Gewesten om gerecycleerde grondstoffen maximaal in te zetten op eigen grondgebied. Zo wil de federale regering in overleg met de gewestelijke partners de productnormering flexibel genoeg maken om een maximale inzet van gerecycleerde grondstoffen mogelijk te maken.
Handhaving. Goede regelgeving vraagt ook om effectieve handhaving. De federale regering belooft verhoogde controles op de in- en uitvoer van materialen. Zo is een nauwere controle op de export van afgedankte voertuigen cruciaal om meer kritische grondstoffen lokaal te recycleren. Om die lokale recyclage competitief te houden, zal ook een striktere controle van materialen die de Europese markt binnenkomen nodig zijn. Vandaag zorgt de toevloed van goedkope buitenlandse materialen van lagere kwaliteit voor investeringsonzekerheid in onder meer de textielrecuperatie en kunststofrecyclage.
Ondersteuning. Door investeringsaftrekken te verbreden en drempels voor innovatie weg te werken, wordt technologische vooruitgang gestimuleerd. Dit is essentieel voor de ontwikkeling van nieuwe circulaire bedrijfsmodellen.
Biogas. De federale overheid zal een stimulerend kader invoeren om de productie en injectie van biogas in het gasnet te versnellen. Dit zal de valorisatie van organisch afval versterken en nieuwe perspectieven bieden voor bedrijven in de sector, in lijn met de Europese klimaatdoelstellingen.
PFAS. Er wordt een PFAS-fonds opgericht dat wordt bekostigd door producenten van PFAS om de oplopende kosten van PFAS-remediëring aan te pakken.
U kan het volledige regeerakkoord hier raadplegen.
Hieronder vindt u de belangrijkste passages uit dit akkoord voor onze sector
Circulaire Economie
De circulaire economie is voor deze regering belangrijk in een wereld waar de vraag naar grondstoffen groeit. In samenwerking met de Gewesten en alle betrokken stakeholders willen we onze inspanningen voortzetten en toonaangevend zijn op het vlak van de circulaire economie. Met dit in gedachten zal de regering een echte economische en industriële visie ontwikkelen die gericht is op het ondersteunen van een circulaire economie door de ontwikkeling van innovatieve projecten, de bevordering van nieuwe duurzame bedrijfsmodellen, de aanpassing van regelgeving en de ondersteuning van overheidsdiensten.
De federale overheid zorgt er in dat licht voor dat het Federaal Actieplan voor circulaire economie een opvolger krijgt die focust op het faciliteren en stimuleren van de circulaire economie binnen de federale bevoegdheden zoals productbeleid, normering, fiscaliteit en de wetgeving overheidsopdrachten.
Samen met de Gewesten maximaliseren we het gebruik van onze eigen grondstoffen op ons eigen grondgebied. Nu wordt nog te veel afval uitgevoerd zonder stil te staan bij de economische waarde ervan. Denk maar aan het realiseren van een goede tracering van bv. oude voertuigen en illegale export ervan moeilijker te maken. Hiervoor passen we de wetgeving aan zodat afgedankte wagens langer op de radar blijven.
Samen met de Gewesten zorgen we voor een correcte implementatie van de Europese kritische grondstoffenregelgeving (CRMA).
In overleg met de gewesten maken we de productnormen flexibel genoeg opdat gerecycleerde grondstoffen maximaal kunnen hergebruikt worden rekening houdend met de uiteindelijke kwaliteit van het eindproduct.
We zetten in op een correcte toepassing van product- en stoffenreglementering zodat verboden producten in België geen doorvoerhaven vinden. Hiervoor zal de federale overheid de controles op invoer van producten die verboden stoffen bevatten verscherpen.
Ook voor niet-Europese producten leggen we de lat even hoog. We kijken strikter toe op de naleving van de Europese kwaliteitseisen in kader van duurzame ontwikkeling bij binnenkomst op de Europese interne markt. Om onze circulaire industrie te ondersteunen, ondersteunen we de Gewesten in hun pleidooi voor EU-brede einde-afvalcriteria, de classificatie van ‘batterijafval’ en van de verordening rond overbrenging van afvalstoffen (waste shipment verordening) als exportban naar niet-OESO landen. Ook de kwalificatie van grondstoffen moet bekeken worden.
Competitieve en duurzame economie
Door belastingvoordelen te bieden aan ondernemingen die investeren in milieuvriendelijke technologieën en processen, kunnen bedrijven hun ecologische voetafdruk verkleinen en tegelijkertijd concurrerender worden op de internationale markt.
In nauwe samenwerking met onze Europese en internationale partners zullen wij streven naar een meer groenere fiscaliteit om de overgang naar een koolstofarme economie te versnellen en tegelijkertijd een gelijk speelveld te creëren voor bedrijven in de hele EU.
Om een krachtig renovatiebeleid in de Gewesten te ondersteunen, is het cruciaal dat ook projecten die uitgevoerd worden door professionele actoren kunnen verkocht worden aan het verlaagd BTW- tarief van 6% voor sloop en heropbouw. We voeren daarom een beleid zonder uitzonderingen, voor sloop en heropbouw geldt 6% BTW voor iedereen.
Waar mogelijk wordt in de eerste plaats op elektrificatie ingezet. Naast onze inspanningen voor de transitie richting elektrificatie zal de federale overheid in overleg met de Gewesten de bijmengingsplicht voor duurzame biobrandstoffen van de 2de en 3de generatie invullen binnen de regels die Europa oplegt zodat ook o.a. moeilijk te elektrificeren transportsectoren hun koolstofuitstoot kunnen terugdringen. De regering zal de opkomst faciliteren van alle innovatieve oplossingen die gericht zijn op het koolstofvrij maken van moleculen (biogas, e-brandstoffen, enz.).
Bouwstenen van het toekomstig energiebeleid zijn technologische innovatie, een voorspelbaar en stabiel en aantrekkelijk investeringsklimaat, open strategisch autonomie en uiteraard de veiligheid en duurzaamheid van installaties.
Op Europees niveau moet er meer aandacht komen voor de concurrentiekracht van onze ondernemingen in het licht van de Green Deal. In navolging van de Verklaring van Antwerpen vragen we de Europese Commissie prioriteit te geven aan de ontwikkeling van een Europees industrieel beleid. We pleiten voor een aanvullende ‘(Industrial) Competitiveness Deal’, een competitiviteitspact voor alle ondernemingen uit de industrie en de dienstensector die in toenemende mate met internationale concurrentie worden geconfronteerd.
De transitie naar de decarbonisatie van de industrie is prioritair en de hefbomen hiervoor (energie-efficiëntie, hernieuwbare energie, koolstofarme energie en -technologieën, energiedragers etc.) moeten voluntaristisch, flexibel, op kostenefficiënte wijze en technologieneutraal ingezet worden. Om onze industrie hierin te ondersteunen maken we via de bevoegde deelstaten hiervoor maximaal gebruik van alle EU-middelen en programma’s, inclusief IPCEI. De overheid beperkt zich tot het formuleren van heldere doestellingen en het opvolgen van de resultaten. De concrete invulling is de verantwoordelijkheid van de industrie zelf.
We houden de concurrentiehandicap met betrekking tot de energieprijs van onze industrie op de Europese agenda en vragen blijvend aandacht en maatregelen om het kostennadeel van onze industrie ten aanzien van andere belangrijke handelsblokken in de wereld te erkennen en aan te pakken met een passend beleid.
Misleidende duurzaamheidsclaims (greenwashing) worden gekwalificeerd als misleidende handelspraktijk zoals bepaald in boek 6 van het wetboek economisch recht (WER).
Vereenvoudiging
We zorgen voor een stabiel en rechtszeker regelgevend kader en streven naar tijdige en strikte omzetting van Europese richtlijnen. We vermijden gold plating bij nieuwe wetgeving om intra-Europese concurrentie en mogelijke nadelige impact op onze ondernemingen te vermijden. Onze ondernemingen staan zo gelijk aan de start. Het principe om gold plating te vermijden, doet geen afbreuk aan de mogelijke opties die een EU-richtlijn laten aan de nationale wetgever.
We starten een traject op met alle belanghebbenden om op zoek te gaan naar welke regels vereenvoudigd of geschrapt kunnen worden. Dit traject moet uiterlijk eind 2025 resulteren in concrete gebruiksvriendelijke (burgers en bedrijven) vereenvoudigingsvoorstellen zonder het algemeen belang te schenden.
De federale overheid zal in de mogelijkheid voorzien om regelluwe testzones te ontwikkelen waar nieuwe technologieën en economische velden een duidelijke en rechtszekere omgeving geboden worden waarin ze kunnen experimenteren. Deze zones laten uitzonderingen toe op bepaalde wetgeving of biedt hulp bij de interpretatie ervan voor nieuwe technologieën of producten. De federale regering treedt hiervoor in overleg met de regionale overheden om binnen hun respectievelijke bevoegdheden de concrete samenwerking hiervoor aan te gaan. Hieraan verbonden zal de federale regering tegelijk een overzicht hebben van welke regels een experimenteel project verhinderen.
PFAS
Op vlak van de bescherming van de volksgezondheid zetten we ons samen met de Gewesten in voor een Europese uitfasering van het gebruik van PFAS en een gelijk Europees normenkader en gelijkaardige aanpak van de PFAS-problematiek op Europees niveau.
Het PFAS-sectorfonds zal geoperationaliseerd en gefinancierd worden door de sector ter compensatie van de schade en de slachtoffers van PFAS-vervuiling.