MATIS - Quo vadis?
OVAM werkt verder aan de ontwikkeling en uitrol van haar nieuw materialeninformatiesysteem, afgekort MATIS.
Intussen is duidelijk dat de finaliteit van dit digitale platform loopt langs drie krachtlijnen, i.e.
Het creëren van een tool met het oog op het verzamelen en rapporteren van data in het licht van de verplichte Europese rapportering voor Europese doeleinden.
De creatie van een instrument dat (op termijn) kan worden ingezet om aan een betere en gerichtere handhaving te doen.
Om het beleidsniveau van de nodige ondersteunende data te voorzien om het toe te laten beter en gerichter beleid te voeren met het oog op het creëren van een circulaire economie.
Denuo blijft herhalen dat het voor de sector essentieel is dat rekening wordt gehouden met de zeven door Denuo gestelde randvoorwaarden (zie artikel van 28 februari 2021) vooraleer dit project ter dege kan worden uitgerold. Dit standpunt en het niet vervuld zijn van deze randvoorwaarden werden officieel meegedeeld aan het projectteam van de OVAM tijdens een vergadering van 11 maart 2021 alsook door middel van een officieel schrijven aan de directie van de OVAM.
Gelet op de timing inzake de uitrol van Project MATIS, werd op 25 maart 2021 door het Bestuursorgaan groen licht gegeven om zoveel als mogelijk met de OVAM bijkomend overleg te voeren om te zien in welke mate aan de door Denuo gestelde randvoorwaarden (beter) zou kunnen worden tegemoet gekomen.
Dit is van belang nu het de bedoeling is om in het kader van Project MATIS de eerste rapporteringscijfers over 2020 op te vragen in oktober 2021, met de bedoeling om deze te verwerken met het oog op hun rapportering aan de bevoegde Europese instanties tegen 30 juni 2022.
Tevens zal in de komende weken een digitale informatiesessie worden georganiseerd voor de Denuo-leden, waarbij het projectteam van de OVAM het Project MATIS zal presenteren en de leden hierover vragen zullen kunnen stellen. Een aparte aankondiging hierover volgt nog.
Wat is Project MATIS?
MATIS, of het MATerialen InformatieSysteem dient volgens de OVAM een antwoord te bieden op een aantal uitdagingen:
De nieuwe of aangepaste rapporteringsverplichtingen vanuit Europa over de recyclage van stedelijk afval en bouw- en sloopafval, afval van verpakkingen en over het storten van afvalstoffen. Belangrijk in deze is dat op Europees niveau de definitie van stedelijk afval werd uitgebreid: dit bevat naast het huishoudelijk afval (HA; restafval en selectief ingezamelde fracties) ook de gelijkaardige bedrijfsafvalstoffen (GBA).
Het feit dat het circulaire-economiebeleid ook andere gegevens vereist ter onderbouwing en evaluatie.
Een meer efficiënte en effectieve handhaving.
Denuo staat positief tegenover de MATIS-databank, maar stelde echter zeven randvoorwaarden:
Finaliteit – De OVAM mag via de MATIS-gegevensbank enkel data inzamelen die strikt nodig zijn om te kunnen voldoen aan de Europese rapporteringsverplichting inzake inzameling- en recyclagedoelstellingen en mag de ingezamelde data enkel voor dit doeleinde gebruiken.
Confidentialiteit – Het betreft potentieel commercieel gevoelige gegevens. Deze moeten vertrouwelijk worden behandeld. Er moeten juridische, operationele en technologische waarborgen kunnen worden geboden.
Uniformiteit – Denuo wenst één gegevensbank die geldig is voor de drie gewesten en wil vermijden dat ieder gewest zijn eigen aanpak en databank ontwikkelt.
Compatibiliteit – De nieuwe gegevensbank van de OVAM moet compatibel zijn met bestaande platformen (onder meer die van andere overheidsdiensten, beheersorganismen, enz.) en de in onze sector courante ERP-systemen.
Geen bijkomende administratieve last – Een nieuwe gegevensbank mag geen aanleiding geven tot bijkomende administratieve lasten voor de operatoren. Alvorens een nieuw systeem op te starten, dienen andere rapportageverplichtingen te worden afgeschaft.
Return on investment – De bedrijven die energie, tijd en geld steken in het aanleveren van gegevens, moeten hiervoor een voordeel in de plaats krijgen. De data moet prioritair voor hen ontsloten worden (vb. benchmark-tools, market-intelligence, voorspellingen, enz.).
Subsidiariteit – Het is niet de taak van de OVAM om gegevensbanken op te bouwen of om ICT-diensten aan te bieden die reeds op de markt bestaan.
Het standpunt inzake de randvoorwaarden en het niet vervuld zijn ervan werd op 11 maart 2021 aan de OVAM overgemaakt, zowel aan het projectteam als bij wijze van een formeel schrijven.
Uit besprekingen bleek onder meer de volgende planning (noteer dat dit nog zal worden bijgewerkt en verder aangepast maar onderstaande geeft een goede indicatie) voor Project MATIS :

Aanpak rapportering
In concreto is een eerste rapportering van data voorzien voor oktober 2021, nu de Europese gegevens tegen 30 juni 2022 dienen te worden verwerkt.
We begrijpen op vandaag dat bedrijven zullen moeten inloggen op het nieuwe systeem, en de data aanleveren in de nieuwe gevraagde formats. In het kader van de ontwikkeling van de software zal de OVAM zo snel als mogelijk de API delen, alsook het rapporteringssjabloon.
Er zouden drie opties van rapportering worden geboden:
Automatisch (systeem te integreren door bedrijven).
Opladen van een Excel sheet met de data.
Manuele input (rij per rij): dit geval is voornamelijk voor de bedrijven die slechts een paar stromen per maand zouden dienen te rapporteren.
Organisatie infosessie MATIS
Gelet op de belangrijke impact van de implementatie van dit systeem voor onze leden, en gelet op de vele vragen hieromtrent, zal Denuo een infosessie organiseren over het MATIS-systeem.
De OVAM verklaarde zich alvast bereid om op deze infosessie een presentatie te verzorgen en meer uitleg te geven over het systeem, zodat de leden ook rechtstreeks vragen kunnen stellen en hun bezorgdheden kunnen meedelen. Een datum voor deze infosessie, voorzien tweede helft april, wordt eerstdaags vastgelegd.
Verdere besprekingen over de randvoorwaarden
In het licht van bovenstaande timing en planning werd door het Denuo Bestuursorgaan op donderdag 25 maart 2021 besloten dat, los van het feit dat de vervulling van de zeven randvoorwaarden voor Denuo het uitgangspunt blijft, het niettemin van belang is om met de OVAM de komende weken verder overleg te plegen over de randvoorwaarden met het oog op het vinden van een voldoende en correcte invulling van deze randvoorwaarden.
Proefproject papier: een stand van zaken
Momenteel voert de OVAM een studie uit waarbij de volledige keten voor papier- en kartonafval in Vlaanderen in kaart wordt gebracht. De gegevens over het jaar 2020 worden opgevraagd volgens het nieuwe concept bij ongeveer 150 relevante bedrijven. Dit zijn afvalintercommunales, inzamelaars van bedrijfsafval, verwerkingssites en papierfabrieken. Volgens de OVAM had op 17 maart 2021 ongeveer 60% van de relevante bedrijven de nodige informatie aangeleverd.
Met betrekking tot de aanlevering van de informatie opgevraagd door de OVAM met het oog op de roll-out in de papiersector, bevestigen we het standpunt van Denuo dd. 28 februari 2021, dat bedrijven de keuzevrijheid hebben om aan dit proefproject deel te nemen en dus om te beslissen of ze de gegevens in het gevraagde format aanleveren of niet.
Wel merken we op dat met het oog op het bewaren van de confidentialiteit van de aangeleverde data best aan de OVAM of de consultant die de opdracht uitvoert (CityD-Wes) een NDA wordt gevraagd indien men besluit de data aan te leveren. Denuo heeft haar opmerkingen in verband met dergelijke NDA overgemaakt aan de OVAM.
Voor verdere vragen kan u contact opnemen met Olivier Deweerdt (Olivier.Deweerdt@denuo.be)