#REACT: Ontwerp steunmaatregel afvaltransport via de binnenvaart

Een nieuwe productstroom waar De Vlaamse Waterweg NV op korte termijn op wil inzetten is het transport van afval via de binnenvaart. Hiertoe werd een ontwerp voor een deminimis-steunmaatregel uitgewerkt. Naast het activeren van afvaltransporten op de binnenvaart dient deze steunmaatregel ook als leerproces om duurzaam afvaltransport via de binnenvaart op langere termijn te faciliteren.
Het ontwerp van de steunmaatregel kwam tot stand na raadpleging van een aantal potentiële kandidaten voor de maatregel, overleg met de OVAM en overleg met het VIL.
Op vraag van Denuo wordt dit ontwerp voorgelegd aan haar leden zodat zij het ontwerp kunnen overlopen en mogelijke knelpunten van de maatregel kunnen detecteren en melden tot woensdag 3 november. Mogelijke reacties zullen met veel interesse geëvalueerd worden en waar mogelijk meegenomen worden in het definitieve ontwerp van de maatregel.
Inhoud van de steunmaatregel
Kader
Welke afvalstromen: Geldig voor alle afvalstromen zoals beschreven in de Europese Afvallijst (EURAL-codering) met uitsluiting van grondverzet. De beoogde stromen mogen nog niet gebruik maken van de binnenvaart of het spoor.
Vaartraject: Structureel vaartraject waarbij men voor oorsprong of bestemming gebruik maakt van een overslagpunt dat langs de Vlaamse waterweg is gelegen. In het totale structurele vaartraject moet de leegvaart zoveel mogelijk beperkt worden om de kostprijs te drukken.
Verladers: Om in aanmerking te komen voor het project moet een samenwerking tussen minstens twee verladers aangetoond worden voor hetzelfde (deel)traject. Slechts één van de stromen dient een afvalstroom te zijn. Dit heeft als doel leegvaart te vermijden en zo kostenefficiënt mogelijk te kunnen werken.
Indienen aanvraag
De aanvragen dienen formeel ingediend te worden tegen een vooraf bepaalde datum. De dossiers worden vervolgens beoordeeld op basis van vooropgestelde criteria waarna een rangschikking volgt. De subsidies worden toegekend op basis van het beschikbare budget binnen deze rangschikking.
Subsidiëringsprincipe
XX% investeringssubsidie (behalve in aankoop van containers cfr: maatregel OVAM voor IC’s) in te gebruiken materieel met een maximum van 200.000€ per verlader wanneer men garandeert dat het transport minstens gedurende een periode van 3 jaar wordt uitgevoerd.
XX% exploitatie-subsidie met een maximum van 200.000€ per verlader op basis van de aangetoonde meerkost in €/effectieve T. De exploitatiesubsidie wordt betaald gedurende 3 jaar waarbij het transport ook gegarandeerd moet worden over deze periode.
Beide vormen van subsidie mogen gecombineerd worden met een totaal max. bedrag van 200.000€ per verlader.
De meeteenheid is de genormeerde Ton d.i het effectieve gewicht gedeeld door de dichtheid voor zover de dichtheid < 1. Indien de dichtheid > 1 wordt de effectieve ton in rekening gebracht. De ratio hierachter is de mobiliteitsgedachte. Een 20-tonner geladen met 4T PMD geeft dezelfde verkeershinder als een volledig nominaal beladen vrachtwagen van 20T. Het gebruik van deze meeteenheid is belangrijk voor de rendementsberekening van het tonnage dat vervoerd wordt via de binnenvaart.
Periode
Ondersteuning van 3 jaar.
Beoordelingsprincipe
De objectieve beoordeling van de ingediende dossiers gebeurt op basis van 3 luiken:
Een rendementsberekening op basis van een genormeerd tonnage dat men gedurende minstens 3 jaar via de waterweg wil vervoeren versus de uitgekeerde subsidie: 50 punten
Een selectiemechanisme om de meest effectieve projecten uit de aanvragen te destilleren: 40 punten
De realiteitswaarde waarbij men inschat of de opgegeven tonnages realistisch zijn: 10 punten
Binnen het selectiemechanisme worden de volgende elementen gewogen. Deze elementen werden in afspraak met Multimodaal Vlaanderen en OVAM samen vastgelegd:
Impact naar mobiliteit in Vlaanderen : Afvaltransporten die momenteel via de weg congestiegevoelig gebied doorkruisen krijgen een hogere score dan transporten die dit niet doen. Congestiegevoelig gebied wordt beschreven als de driehoek Gent-Antwerpen-Brussel
Afval dat opgenomen wordt in de circulaire economie: Afval dat niet verbrand wordt en niet gestort wordt krijgt een hogere score.
Nog niet aangeboorde stromen op de binnenvaart: Afvalsoorten die nog nooit via de binnenvaart vervoerd werden en die in dit opzicht uniek zijn krijgen een hogere score.
Groene aspect van het varend materieel: In het kader van de vergroening van de binnenscheepvaart heeft DVW in het verleden inspanningen geleverd met de steunmaatregel hermotorisatie en nabehandelingstechnieken voor binnenschepen. Afvalstromen die gebruik maken van schepen uitgerust met Stage V motoren of klassieke motoren CCRII uitgerust met een nabehandelingsinstallatie krijgen een hogere score. Algemeen is dit ook geldig voor alternatieve aandrijvingen die beter scoren naar emissies dan de Stage V NRMM norm.
Aandeel investeringssubsidie versus exploitatiesubsidie: Een hogere verhouding investeringssubsidie versus exploitatiesubsidie krijgt een hogere score.
Totaal afgelegd vaartraject in km’s op de Vlaamse waterwegen.
Complexiteit van het vergunningsproces voor verlader en binnenvaartoperator: Transporten die veel administratie vragen naar vergunningen en meldingen krijgen een hogere score
Overeenkomst
Bij gunning van de steun wordt tussen de verschillende betrokken verladers en DVW een overeenkomst afgesloten met betrekking tot het engagement om een gegarandeerd volume via de binnenvaart te vervoeren gedurende een periode van 3 jaar. In deze overeenkomst worden de bovenstaande principes hernomen.
Penalisatie
Indien de volumes niet gehaald worden, wordt voor investeringssteun en exploitatiesteun een terugvordering toegepast evenredig aan het niet behaalde volume.