Waalse regering beslist over concreet stappenplan capaciteit stortplaatsen
Op 16 juli 2026 heeft de Waalse regering een stappenplan aangenomen om de stortcapaciteit in Wallonië in kaart te brengen en de toekomstige capaciteit te verzekeren. Dit proces is enkele jaren geleden opgestart met de hulp van een consultant en de beslissing vormt nu een toekomstplan voor de sector. Denuo was hier vragende partij voor in haar verkiezingsmemorandum van 2024. We betreuren evenwel het gebrek aan actieve consultatie van de sector.
Hieronder vindt u een overzicht van alle maatregelen die de Waalse regering wenst in de praktijk te brengen. We nodigen u evenwel uit om het volledige document te lezen (zie onderaan). De Waalse regering neemt kennis van:
Het voornemen van Wallonië om de stortcapaciteit van stortplaatsen zuinig te blijven beheren. Daarbij worden deze in de eerste plaats voorbehouden voor afvalstromen waarvoor vandaag nog geen operationele alternatieven bestaan. Tegelijk wil Wallonië voldoende stortcapaciteit behouden om de goede werking van industriële, recyclage-, valorisatie-, sanerings- en afvalverwerkingsketens te garanderen, in het kader van een geleidelijke en gefaseerde transitie naar alternatieve oplossingen die aansluiten bij de doelstellingen van de circulaire economie.
Het feit dat deze nota, voor wat de afvalbeheerinfrastructuur betreft, geldt als rapport over het potentieel en de voorwaarden voor de uitbouw van een verwerkingsketen voor asbestcementafval in Wallonië, overeenkomstig de beslissing van de Waalse Regering van 6 november 2025 over de roadmap "Duurzaam beheer van de risico's van asbest in Wallonië".
Het belang van strategische projecten die bijdragen aan de doelstellingen van het Plan Wallon Déchets-Ressources, Circular Wallonia 2.0 en de projectoproep Boost4Circularity, in het bijzonder wanneer zij bijdragen aan de vermindering van restafval, de ontwikkeling van circulaire waardeketens en een lagere toekomstige behoefte aan stortcapaciteit. Wallonië wil de ontwikkeling van dergelijke projecten ondersteunen via de bestaande steun-, begeleidings- en faciliteringsinstrumenten. Het gaat onder meer om projecten zoals CUPIDON van Groupe COMET, het glasvezelrecyclageproject van 3B Fibreglass en de ontwikkeling van glaswolrecyclage door Knauf Insulation, zonder andere gelijkaardige initiatieven uit te sluiten.
Het strategische belang van de ontwikkeling van een verwerkingsketen voor asbestcementafval in Wallonië. De werkzaamheden hiervoor moeten worden voortgezet, in samenhang met de behoeften aan stortcapaciteit en de overige acties uit de roadmap "Duurzaam beheer van de risico's van asbest in Wallonië", zodat de technische, milieu-, gezondheids- en economische randvoorwaarden voor de uitrol verder kunnen worden uitgewerkt.
De beleidslijnen die in deze nota worden uiteengezet en de voorgestelde acties die daarin zijn opgenomen.
De noodzaak om jaarlijks na te gaan of de beschikbare stortcapaciteit nog overeenstemt met de behoeften, op basis van de gemiddelde gestorte hoeveelheden en de resterende capaciteit van de operationele stortplaatsen. Wanneer de beschikbare capaciteit naar verwachting binnen minder dan tien jaar volledig benut zal zijn, moet hierover een rapport worden opgesteld.
De noodzaak om innovatieve projecten te ondersteunen die de hoeveelheid afval die naar stortplaatsen gaat verder kunnen verminderen, naast de projecten die in deze nota expliciet worden vermeld.
De verdere uitwerking van de mogelijkheden om afvalstromen die vandaag nog worden gestort op stortplaatsen van klasse 1 en 2 in cementovens te verwerken, door de betrokken actoren met elkaar in contact te brengen.
De noodzaak om verder te werken aan de voorwaarden voor de toepassing van de verlaagde storttarieven, zodat het gebruik van de best beschikbare verwerkingstechnieken wordt gestimuleerd en storten zoveel mogelijk beperkt blijft tot niet-verwerkbaar restafval.
De noodzaak om verder werk te maken van sorteerverplichtingen die een betere scheiding van afvalstromen mogelijk maken, in het bijzonder tussen hechtgebonden asbest en asbestvrij vezelcement, evenals voor isolatieafval.
De voortzetting van de werkzaamheden om nieuwe afvalstromen te identificeren waarvoor een stortverbod kan worden ingevoerd zodra voldoende mature, technisch haalbare en economisch verantwoorde alternatieven voor verwerking of valorisatie beschikbaar zijn. Die invoering gebeurt geleidelijk en houdt rekening met de realiteit van de betrokken sectoren.
De noodzaak om de stortcapaciteit te behouden of verder uit te bouwen, onder meer via de volgende maatregelen, zonder vooruit te lopen op toekomstige vergunningen of de daaraan gekoppelde bijzondere voorwaarden:
de exploitatie van alle vergunde volumes van de stortplaats Champ de Beaumont in het kader van de aanvraag tot verlenging van de milieuvergunning;
het onderzoeken van een aanpassing van de vergunde capaciteit aan de reële technische capaciteit van de nieuwe stortcel in Hallembaye, in het kader van de vergunningverlenging;
het behoud van de vergunde capaciteit van stortcel D in Habay-la-Neuve, die vandaag nog niet is ingericht, eveneens in het kader van de vergunningverlenging;
de voortzetting van de onderzoeken naar een capaciteitsuitbreiding via een aanpassing van het stortprofiel en/of de terreinoppervlakte van de drie momenteel geëxploiteerde stortplaatsen van klasse 2;
het onderzoeken van de mogelijkheden om voormalige stortlocaties een nieuwe bestemming te geven;
de voortzetting van het overleg tussen de overheid en de projectontwikkelaar over de omvorming van de stortplaats La Chatqueue tot een stortplaats van klasse 1 en 2 die voldoet aan de behoeften van Wallonië;
de verdere ontwikkeling van de reeds vergunde stortplaatsen van klasse 5;
de wil om ervoor te zorgen dat alle regio's in Wallonië toegang behouden tot voldoende stortcapaciteit.
Het principe om SPAQuE, via haar beheersovereenkomst, de opdracht te geven om potentiële locaties voor stortcapaciteit op middellange en lange termijn te onderzoeken en hierover binnen twee jaar verslag uit te brengen. Onverminderd de latere beslissingen van de Waalse Regering bij de goedkeuring van die beheersovereenkomst, zal deze verkennende studie zowel nieuwe locaties als uitbreidingen of reconversies van bestaande stortplaatsen onderzoeken. Daarbij wordt ook technisch nagegaan of bepaalde stortzones kunnen worden voorbehouden voor specifieke monostromen met het oog op een latere terugwinning van materialen. De studie zal bovendien aandacht besteden aan de noodzaak van strategische reservecapaciteit.