Wijziging Materiaaldecreet voor dringende verwerking afvalstoffen
Op 19 januari heeft de Vlaamse Regering in eerste lezing een wijziging van het Materialendecreet goedgekeurd. Dit bevat slechts één wijziging, nl. de mogelijkheid voor de Vlaamse minister bevoegd voor het leefmilieu om in uitzonderlijke omstandigheden de onmiddellijke verwerking te kunnen bevelen van afvalstoffen in een inrichting, zoals gedefinieerd in het decreet 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid.
Deze mogelijkheid is voorzien omwille van heel specifieke omstandigheden waarin er een bepaalde afvalstroom ontstaat die, wanneer deze niet tijdig verwerkt wordt, een gevaar kan opleveren voor de (milieu)veiligheid, volksgezondheid, hygiëne. Het kan bijvoorbeeld gaan om biologisch, chemisch en/of gevaarlijk afval dat ontstaat bij een calamiteit, een natuurramp, of een inbeslagname (bv. de recente problematiek van in beslag genomen partijen drugs die omwille van veiligheidsredenen zo snel mogelijk moeten worden vernietigd) ... en waarvoor de meest geschikte reguliere (Vlaamse of andere) verwerkingscapaciteit in de concrete omstandigheden niet voorhanden is of te beperkt is. Het opslaan van grote hoeveelheden van bijvoorbeeld drugs vormt immers een ernstig veiligheidsrisico. In dergelijke gevallen is een versnelde vernietiging van gevaarlijke afvalstromen, in suboptimale omstandigheden (en niet volledig conform BBT) verantwoord in het licht van het standstillbeginsel. In dergelijke omstandigheden is het belangrijk dat de veiligheid van mensen altijd primeert. Evenwel wordt daarbij steeds gestreefd naar een minimale milieu-impact.
Deze tekst is nu naar de Raad van State gestuurd voor advies: